Normale mensen
Sally Rooney

Rooney beschrijft in
Normale mensen een weergaloze liefdesgeschiedenis tussen twee personages die begint in
januari 2011 aan de westkust van Ierland. We volgen de levens van Marianne
Sheridan en Connel Waldron, die ondanks ze in hetzelfde stadje opgroeien en naar
dezelfde middelbare school in Carriklea gaan, weinig gemeenschappelijk hebben. De
knappe, intelligente en vooral populaire Connell, die aanvoerder is van het schoolteam, woont bij zijn
alleenstaande moeder, die haar brood wint als poetsvrouw. Het excentrieke,
eigenzinnige buitenbeetje Marianne groeit
daarentegen op in een welgesteld maar ijskoud gezin, waarin huiselijke warmte wordt
verdrongen door psychologische vernedering. Ondanks dat de twee naast hun gedeelde
interesse voor literatuur weinig aanrakingspunten hebben als gevolg van hun klassenverschillen
en hun uiteenlopende persoonlijkheden, overlappen hun twee werelden toch
wanneer Connells moeder in dienst treedt als poetsvrouw in Mariannes gezin.
De twee voelen zich direct aangetrokken tot elkaar en bouwen geleidelijk aan een bijzondere maar ingewikkelde relatie op, waarin ze door middel van intimiteit met elkaar proberen te communiceren. Toch is hun krachtige verbondenheid naast dat ze spannend, liefdevol en intens is, alles behalve vanzelfsprekend. Want ondanks dat de twee geen moeite hebben met zich letterlijk bloot te geven, kunnen de twee mekaar niet doorgronden en geraken ze niet verder dan het tonen van hun lichamelijke affectie aan elkaar. Daarnaast zorgt een andere hindernis ervoor dat hun integere verhouding nog moeilijker is om te behouden en dat is de geheimhouding van hun relatie, die voornamelijk door Connell geopperd en verwacht wordt. Zo kan Connell de ondraaglijke spanning van hun geheime relatie na verloop van tijd niet meer aan en vraagt hij als gevolg van een innerlijke tweestrijd een ander meisje mee naar het eindejaarsfeest, wat voor een enorme, eerste barst zorgt in hun relatie.
Het lot denkt er anders over en brengt de twee na een lange radiostilte weer samen tijdens hun studie aan het Trinity-college in Dublin. Hier krijgen ze een tweede kans om elkaar te leren ontcijferen en ondanks dat ze hun intieme relatie snel en zonder moeite lijken op te pikken, is er toch iets veranderd. Zo zijn de rollen tussen beide omgekeerd: daar waar Marianne eerst onzichtbaar was voor de buitenwereld en Connell door iedereen begeerd werd, heeft nu vooral Connell het moeilijk zich te ontwikkelen op sociaal gebied en is Marianne plots enorm gewild. De twee blijven elkaar in hun jarenlange en woelige aantrek-en-afstootspel, waarin hun dynamiek en machtsstructuur continue verandert, steeds breken en verliezen, maar toch ontwikkelen ze naast hun falende communicatie en wederzijdse ondoorgrondbaarheid een groeiend besef van hun diepgaande betekenis voor elkaar en leren ze elkaar doorheen de jaren geleidelijk aan lezen, respecteren en vooral nodig hebben.
'Normale mensen' heeft in mijn ogen een herkenbaar bijna typisch format. Zo was dit niet de eerste keer dat ik een verhaal met het voorspelbare plot waarin een onzichtbaar, afstandelijk meisje en
de populaire knapperd die ondanks hun verschillen toch tot elkaar aangetrokken
worden, las. Toch is er wel een reden waarom dit klassieke coming-of-ageverhaal beschreven door Sally Rooney zoveel lovende
kritiek ontving en ook ik kan eerlijk toegeven dat ik in de ban ben.
Een eerste reden voor mijn grote waardering voor dit adembenemende psychologische meesterwerk is de manier waarop Rooney weergaloos de moeizame identiteitsontwikkeling van en de ingewikkelde maar mooie dynamiek tussen twee kwetsbare, gebroken en vooral verdwaalde adolescenten beschrijft. Naar mijn gevoel onderscheidt Rooney zich vooral door haar haar prachtige, genuanceerde weergave van verschillende diepgaande thema's en haar rauwe manier van schrijven. Zo hanteert ze een aparte, nuchtere maar vooral beklemmende schrijfstijl die sober maar gedetailleerd is, sensueel maar alles behalve verbloemend en die een grote evocatieve directheid bevat. En ondanks dat er vele zaken in Normale mensen onder de oppervlakte en onbesproken blijven, laat ze echter niets onbeschreven en bouwt ze subtiel maar trefzeker een sluimerende, onderhuidse spanning op. (stilistische argument.) Zo is ze een krak in het uitvoerig beschrijven van de gecompliceerde gedachtegangen en diepgaande zielenroerselen van Connell en Marianne en kan ze bij de lezer moeiteloos gevoelens als ontroering en opwinding maar ook teleurstelling, frustratie en plaatsvervangende schaamte opwekt.(emotioneel argument) Zo ervaarde ik een combinatie van de vorige opgesomde emoties in de volgende passage die zich afspeelt in het Italiaans zomerhuis waar Connell Marianne, die er met haar toenmalige vriendje Jamie en haar beste vriendin Peggy verblijft, een bezoekje brengt. Na een hevige ruzie met Jamie vertelt Marianne Connell 's nachts over de schadelijke relatie die zij met haar gewelddadige broer Alan heeft en hoe hij haar naast dat hij haar mentaal pijnigt ook fysieke klappen geeft.
"Hij brengt haar hand naar zijn voorhoofd. Zijn huid voelt nat aan. Ze maakt de zin niet af waarin ze probeert uit te leggen hoe ze denkt dat het klinkt. 'Waarom heb je het me nooit verteld?' vraagt hij. Ze zegt niets. Het licht is zwak, maar hij ziet dat ze haar ogen open heeft. 'Marianne', zegt hij, 'toen we samen waren, waarom heb je al die tijd nooit iets gezegd?' 'Ik weet niet. Ik wilde waarschijnlijk niet dat je de indruk kreeg dat ik beschadigd was of zo. Bang dat je me dan niet meer wilde, denk ik.'
Hij verbergt zijn gezicht in zijn handen. Zijn vingers voelen koud en klam tegen zijn oogleden en hij heeft tranen in zijn ogen. Hoe harder hij met zijn vingers drukt, hoe sneller de tranen eruit sijpelen, nat op zijn huid.
'Jezus', zegt hij. Zijn stem klinkt dik en hij schraapt zijn keel. 'Kom hier', zegt hij. En ze komt naar hem toe.Hij voelt zich verschrikkelijk beschaamd, verward. Ze liggen met hun gezichten naar elkaar toe en hij slaat zijn armen om haar heen.
In haar oor zegt hij: 'Sorry, oké?' Ze houdt hem stevig vast met haar armen helemaal om hem heen en hij kust haar voorhoofd. Maar hij heeft altijd al gedacht dat ze beschadigd was, dat dacht hij toch al. Hij knijpt zijn ogen stijfdicht van schaamte. Hun gezichten voelen nu allebei verhit en vochtig aan.
Hij denkt aan wat ze zei: 'Ik dacht dat je me dan niet meer wilde.' Haar mond is zo dichtbij dat haar adem nat aanvoelt tegen zijn lippen. Ze beginnen te zoenen en haar mond smaakt donker als rode wijn. Haar lichaam schuift tegen het zijne aan, hij raakt haar borst aan met zijn hand en over een paar seconden zou hij weer in haar kunnen zijn, en dan zegt ze: 'Nee, dat moeten we niet doen. '
Dan maakt ze zich los, abrupt. Hij hoort zijn eigen adem in de stilte, zijn zielig hijgende ademhaling. Hij wacht tot hij kalmeert, hij wil niet dat zijn stem breekt als hij iets probeert te zeggen.
'O, wat erg', zegt hij. Ze knijpt in zijn hand. Een dieptriest gebaartje. Hij kan haast niet geloven hoe stom hij heeft gedaan.
'Sorry', zegt hij. Maar ze heeft zich al omgedraaid.
Bovenstaande passage toont daarbij niet enkel de emotionele beladenheid waarmee Rooney ons als lezer in haar verhaal moeiteloos maar vooral meedogenloos verscheurt door de psychische martelingen die haar personages telkens doorstaan. Maar ook laat het zien hoe beredeneerd en waarheidsgetrouw ze de interne en externe wereld van haar personages neerzet en hoe sterk ze uitblinkt in het geloofwaardig en expliciet neerpennen van impliciete, ongemakkelijke dialogen waarin de kwetsbare afstand en de onbereikbaarheid tussen de personages paradoxaal genoeg tot op de huid voelbaar zijn. (afspiegelingsargument)
Naast dat Rooney excelleert in het neerschrijven van dialogen waarin haar personages nooit maar dan ook nooit exact verwoorden wat ze voelen en denken, waar de vorige passage een mooi voorbeeld van is, viel me ook op dat ze nooit de uitgesproken tekst aangeeft met aanhalingstekens. Die opzettelijke afwezigheid van leestekens in haar beschreven dialogen zorgt ervoor dat de grens tussen datgene wat gedacht en gezegd wordt, vervaagt en bijna onzichtbaar wordt, wat vaak verwarring bij de lezer veroorzaakt. Zo denk ik dat Rooney deze stilistische truc bewust inzette om ons als lezer op te zuigen in de grote associatieve gedachtestroom van zowel Connell als Marianne en op die manier de kracht van communicatie, een terugkomend motief waar de personages met blijven worstelen, te benadrukken. (intentioneel argument)
Vervolgens wordt de verwarring en de tegenstrijdigheid van de expliciet beschreven gedachtegangen en de impliciete dialogen ook nog eens extra versterkt door het meervoudige, personale vertelperspectief. Zo zorgde de interessante perspectiefwisseling tussen Connell en Marianne ervoor dat bepaalde oppervlakkige dialogen of nietige situaties pas betekenis kregen wanneer ik het vanuit een ander standpunt las. Wat naast het afwisselend perspectief daarnaast nog een extra meerwaarde was en een betekenisgevende prominente rol speelde, was het interessante maar verwarrende tijdsverloop. Zo speelt Rooney een fascinerend spel met de tijd doordat het verhaal dat in zijn geheel vier jaar beslaat, een wirwar van afwisselende tijdssprongen en korte maar essentiële flashbacks is. Ondanks dat het verhaal in zijn geheel wel chronologisch wordt verteld, worden we als lezer elk hoofdstuk opnieuw terug in de leegte gegooid en moeten we onszelf keer op keer weer zien te oriënteren. Door op deze manier met de tijd te spelen, benadrukt Rooney vooral het feit dat ondanks de personages elkaar steeds weer verliezen, ze elkaar toch telkens terugvinden in een ander deel van hun leven en dat hun diepgaande connectie en verwevenheid de tijd en ruimte overstijgt. (compositorisch argument)
Daarnaast vond ik ook haar keuze om het boek te voorzien van een sterk moraliserend en intellectueel karakter enorm gewaagd maar zeer waardevol. Zo laat ze haar personages van literatuur houden en het zelfs op universitair niveau studeren, laat ze hen tijdens studentenfeestjes niet dansen maar politieke debatten voeren, speelt ze met interessante, confronterende klassenverschillen, en overspoelt ze haar personages met psychologische inzichten, innerlijke enigma's en onverteerbare mijmeringen. En daar waar ik eerst hoopte dat Rooney haar intelligente, hyperbewuste personages als literatuurliefhebbers het woord als fundamentele redding voor hun complexe liefdesperikelen zou laten inzetten, gooide ze er nog genadeloos de vloek van de verbale miscommunicatie bovenop. (originaliteitsargument)
Vervolgens sta ik vooral versteld over de manier waarop Rooney als jonge schrijfster een universeel, alombekend liefdesverhaal zo gelaagd kon neerzetten door er goed gegronde, diepgaande thema's waaronder psychische gezondheid zoals anorexia, depressie, het trauma als gevolg van huiselijk geweld, zelfmoord en masochisme in te verwerven. En hoe zwaar ze het boek liet wegen, toch was ik enorm opgelucht dat ze naast ervoor koos om de onbegrijpelijke, complexe maar vooral onvoorwaardelijke liefde in te zetten als doeltreffend medicijn om de wonden van haar personages, hoe gebroken en getraumatiseerd ze ook zijn, stilletjes maar zorgvuldig te helen. (moreel argument)
Als laatste wil ik mijn recensie afsluiten met toch nog enkele bedenkingen die ik had tijdens het lezen van dit literair kunstwerk. Zo heb ik me geregeld afgevraagd waarom Rooney haar hyperintelligente, krachtige en zelfbewuste personages beide opzadelde met een groot minderwaardigheidscomplex en de vloek van miscommunicatie. Zowel Marianne als Connell stelde ze beide in staat de diepste lagen uit de zwaarste literaire werken van grote schrijvers te laten analyseren en er op vele intelligente manieren over te laten praten, maar in hun eigen verhaal geraakten ze nooit verder dan het formuleren van hun eigen gedachtegangen op een uiterst oppervlakkige manier. Zo vond ik het gebrek aan de juiste woorden, voor twee personen die Rooney net zo sterk maakte op vlak van taal en literatuur, ietwat lastig. Maar dit kan natuurlijk ook Rooneys opzet geweest zijn, om het karakter van haar twee personages des te complexer te maken en ons als lezer des te meer zelf aan het denken te zetten over de kracht van communicatie. Daarbij ben ik me er ook zeker van bewust dat als Rooneys personages wél in staat zouden zijn geweest om hun intellect te gebruiken als krachtig communicatiemiddel, er geen sprake was van een interessant verhaal dat zo bijblijft als het nu doet.
Daarbij aansluitend stelde ik mezelf soms ook geregeld de vraag of de uitvoerigheid waarmee ze elke situatie en elke gedachtespinsel zo nauwkeurig beschrijft, wel degelijk een meerwaarde vormde voor de inhoud van haar verhaal. Doordat ze vaak bepaalde situaties, dialogen en gedachtegangen zodanig diepgaand en expliciet beschrijft, bleven er voor mij weinig dubbele bodems en open plekken over om zelf in te vullen. Ik bedoel hiermee niet dat het boek niet gelaagd was, integendeel. Het boek bevatte net enorm veel krachtige en morele lagen die je als lezer zou kunnen ontdekken maar die werden telkens volledig door haar als schrijver ingekleurd en bepaald , waardoor je vaak weinig ruimte kreeg om verder te graven. Hierdoor kiest Rooney volgens mij voor de gemakkelijke weg die ze bewust insloeg om ons als lezer meer ademruimte te geven en zo de tragiek van het verhaal zachtjes maar zeker te laten doorsijpelen en ons de intense gevoelens stilletjes te laten verwerken. Want ook al kreeg ik weinig ruimte om zelf na te denken, lieten Rooney's personages me vaak verscheurt maar met het honigzoete gevoel van weemoed achter. Tot slot moet ik toegeven dat Rooney mij en waarschijnlijk elke andere lezer van deze nazinderende roman, aan het einde een onopgelost vraagstuk gaf om u tegen te zeggen waarmee ze haar lezers wel een laatste open plek gunt waar ik persoonlijk nog lang over zal doen om hem te kunnen invullen.