Het wonderbaarlijke voorval met de hond in de nacht Mark Haddon

Christopher is een vijftienjarige jongen die lijdt aan het syndroom van Asperger. Hij is enorm intelligent, houdt van de kleuren bruin en geel, kan niet tegen liegen en veranderingen en ziet de wereld als een logisch systeem van regels en patronen. Wanneer zijn dagdagelijkse structuur verstoord wordt doordat er een onverwachte moord plaatsvindt op de hond van zijn buurvrouw, gaat hij op ontdekking gaan naar de dader. Tijdens die zoektocht naar de waarheid leert hij nieuwe mensen kennen, komt hij op onbekende plaatsen en wordt hij geconfronteerd met een reeks leugens die zijn wereld op zijn kop zetten. De manier waarop Christopher met die leugens omgaat, is een leerschool van het leven en laat hem de wereld op een andere manier waarnemen, een manier die alle logica overstijgt.
Het verhaal speelt zich af in de hedendaagse tijd en situeert zich voornamelijk in Swindon, een stadje in het zuidwesten van Engeland. In dat stadje woont Christopher samen met zijn vader Ed Boone. Tijdens het verhaal zal Christopher ook op zoek gaan naar zijn moeder en een reis maken naar Londen om haar op te zoeken.
Het verhaal gaat in eerste instantie over de denk- en gevoelswereld van een jongen met autisme en over hoe de wereld en de waarheid, hoe gestructureerd en logisch je denkt dat hij in elkaar zit, nooit helemaal voorspelbaar en transparant is. Het feit dat Christopher een vorm van autisme heeft, is een belangrijk motief in het boek maar wordt nooit expliciet vermeld. Daarnaast vind ik dat, naast de grote focus die er op Christophers 'mentale foutmeldingen' als gevolg van zijn autisme, het boek ook een mooie blik werpt op de leerschool van het leven en hoe de denkwereld er van jongeren over het algemeen uit ziet. Hierbij aansluitend gaat het verhaal voor mij niet enkel over de belangrijke stappen die Christopher moet zetten als jongen met een stoornis en de hindernissen en uitdagingen die hij hierdoor ondervindt in zijn leven, maar ook wordt de overgang van kind zijn volwassene en de lessen die daarbij komen kijken enorm mooi in woorden vervat. Christopher is afhankelijk van zijn omgeving, die vaak ook moeite heeft om mee volgens de structuur van Christopher te handelen en te leven. Toch zal Christopher ook zelfstandig worden en moeten leren om eigen beslissingen te maken en problemen op te lossen, hoe moeilijk dit ook voor hem is. Tijdens de zoektocht naar de moordenaar op de hond van de buurvrouw, botst Christopher op andere waarheden, die voor hem veel belangrijker en veel meer waard zijn dan het vinden van de dader. De zoektocht naar de dader symboliseert een overgang in het leven waarin Christopher leert om uit zijn comfortzone treden, om blindelings vertrouwen op zichzelf en op anderen, om te leren omgaan met verandering, verdriet en onmacht. Ook leert hij de kracht van intuïtie kennen die soms belangrijker is dan de kracht van logica. Daarnaast komen er nog andere betekenisvolle motieven en thema's aan bod die voor vele jongeren een herkenning kunnen zijn en zelfs een troost kunnen bieden. Zo speelt ook het omgaan met verlies, de stabiliteit van het gezin en de omgeving, het leren om jezelf te verplaatsen in een ander en tot slot de worsteling om zelfstandig te worden ook een enorm grote rol.

Het is een mooi, humoristisch en ontroerend verhaal met soms een bittere noot. Tussen de spannende scènes door krijg je als lezer wiskundige raadsels en grappige anekdotes voorgeschoteld wat vaak voor een luchtige toets zorgt. Het is charmant geschreven vanwege de directheid en de emotieloze opsommingen van feiten en gebeurtenissen met oog voor elk detail en vanuit het standpunt van de vijftienjarige Christopher. Wat ik zo speciaal vond aan dit boek was het karakter van Christopher waarvan ik denk dat, hoe hard hij ook verschilt met een doorsnee jongen van vijftien, heel wat mensen zich kunnen herkennen in hem en in zijn manier van doen, denken en redeneren. Christopher is duidelijk anders en dit merk je aan zijn aparte denkwijze en aan de manier waarop hij zijn interne en externe wereld beschrijft. Hij geeft ons als lezer vaak vreemde en soms zelfs irrelevante informatie waarmee hij zijn binnenkomende prikkels probeert te neutraliseren door ze te ordenen in regels, patronen en gestructureerde systemen. Zijn bizarre soms bijna onbegrijpelijke gedragingen maken van hem een sympathiek personage waarmee we van begin tot einde meeleven en ons zelfs vaak met kunnen identificeren.
Vervolgens vond ik dat er ondanks dat het boek heel rechttoe rechtaan geschreven is, enorm veel symboliek in voor kwam. Zo voelde de schijnbare eenvoud en onwetendheid waarmee Christopher zijn eigen realiteit aftast en beschrijft voor mij vaak erg kwetsbaar maar vooral filosofisch aan. Deze filosofische noot was vooral aanwezig in de beschrijvingen van enkele symbolische ruimtes zoals het ruimtestation, wat Christophers favoriete plek is omdat het daar stil is en hij daar alleen kan zijn. Maar ook de bij zijn omschrijving van de tunnel in het treinstation wat voor hem meer voorstelde dan enkel een tunnel met een grote mensenmassa. Zo was de tunnel een symbolische overgang die Christopher maakte doordat hij zichzelf in de onwetendheid gooide, voorbij zijn eigen grenzen ging en hij daardoor alle regels van de logica en alle gekende systemen overboord liet vallen om zijn moeder op te zoeken in Londen.
De scène in de tunnel is daarnaast ook enorm beklijvend geschreven en je voelt als lezer echt de fysieke en mentale angst die Christopher op dat moment ervaart. Dit vond ik trouwens een van de sterkste scènes uit het boek.
Tot slot vond ik de realistische, confronterende situatieschets van Christopher zijn gezinssituatie en hoe Christopher met deze situatie omgaat ook enorm waardevol voor het verhaal. Zo krijgt het verhaal extra diepgang doordat Christopher zijn moeder er volgens zijn vader niet meer is, iets wat in mijn ogen moeilijk te plaatsen lijkt voor iemand die structuur nodig heeft in zijn leven. Daarnaast vond ik het verhaal dat zijn vader hem voorschotelde over de dood van zijn moeder alles behalve geloofwaardig, waardoor ik best te doen had met hoe Christopher zijn vertrouwen en naïviteit op de proef gesteld werd. Hierbij aansluitend vond ik het wel enorm fascinerend om te zien hoe de auteur ons als lezer in een dubbel standpunt zet tegenover Christophers vader, een belangrijk figuur in Christophers leven die ik zelfs bijna als zijn tegenspeler kan zien. Christophers vader is erg zorgzaam, doet dagelijks zijn best om Christopher te begrijpen en te decoderen, doet er alles aan om hem veilig en gerespecteerd te laten voelen en handelt continue vanuit zijn liefde en begrip voor Christopher. Ondanks de moeite die Christophers vader steekt in het lezen van zijn zoon, verloopt de communicatie tussen beiden vaak stroef. Toch verliest Christophers vader zelden zijn geduld. Maar ondanks dat Christophers vader alles voor Christopher doet, laat hij enkele steken vallen en breekt hij Christophers hart, respect en vertrouwen door te liegen over de twee belangrijkste zaken die Christopher in het boek bezig houden: de dood van zijn moeder en de moord op de hond van de buurvrouw. Beide situaties leiden ons tot Christophers vader, die slechts handelde vanuit emotionele beweegredenen zoals liefde en frustratie, iets wat logica overstijgt en dus voor Christopher onaanvaardbaar en onbegrijpelijk is. De evolutie van de vertrouwensrelatie tussen vader en zoon en hoe Christopher omgaat met leugens van zijn vader maar hem uiteindelijk toch vergeeft, vind ik daarom een van de belangrijkste en mooiste zaken in het boek.
"Mijn geheugen is net een film. Daarom kan ik heel goed dingen onthouden, zoals de gesprekken die ik in dit boek heb opgeschreven, en wat de mensen droegen, en waar ze naar roken, want mijn geheugen heeft een reukspoor dat als een geluidsspoor is. En als mensen me vragen of ik me iets bepaalds kan herinneren kan ik gewoon op Rewind en Fast Forward en Pause drukken zoals op een videorecorder, maar meer als een dvd want ik hoef niet eerst alles ertussenin terug te spoelen om bij een herinnering te komen van iets van lang geleden. En er zijn ook geen knoppen, want het gebeurt in mijn hoofd. Als iemand tegen me zegt: "Christopher, vertel eens wat je moeder voor iemand was, kan ik naar een heleboel verschillende momenten terugspoelen en zeggen wat ze toen voor iemand was. Ik kan bijvoorbeeld terugspoelen naar de 4de juli 1992 toen ik 9 jaar was, wat een zaterdag was, en we waren op vakantie in Cornwall en 's middags waren we op het strand in de plaats Polperro. En moeder droeg een korte broek van spijkerstof en een lichtblauw bikinibovenstukje en ze rookte sigaretten van het merk Consulate die naar menthol smaakten. En ze zwom niet, ze lag te zonnen op een handdoek met rode en paarse strepen en ze las een boek van Georgette Heyer dat Maskerade heet ze klaar was met zonnebaden ging ze het water in om te zwemmen en zei ze: "Jeetjegreetje, wat is het koud?" (P.53)
"En op een dag toen ze klaar was met werken haalde moeder me bij vaders huis op en zei vader: 'Christopher, kan ik even met je praten?' En ik zei: 'Nee! En moeder zei: 'Het is goed. Ik blijf erbij. En ik zei: 'Ik wil niet met vader praten? En vader zei: 'Ik heb een voorstel? En hij had de kookwekker in zijn hand, dat is een grote plastic tomaat die doormidden is gesneden, en hij zette de wekker en die begon te tikken. En hij zei: 'Vijf minuten, goed? Meer niet. Daarna mag je weg? Dus ik ging op de bank zitten en hij in de leunstoel en moeder bleef op de gang en vader zei: 'Hoor eens, Christopher... Zo kan het niet doorgaan. Ik weet niet hoe jij het vindt, maar dit... dit doet mij gewoon te veel pijn. Dat jij in huis bent maar weigert met me te praten... Je moet me leren te vertrouwen... En het maakt me niet uit hoe lang dat duurt... Al is het eerst een minuut per dag en dan twee minuten en dan drie minuten en al duurt het jaren, het maakt me niet uit. Want dit is belangrijk. Dit is het allerbelangrijkste? En toen scheurde hij een reepje huid van de zijkant van zijn linkerduimnagel af. En toen zei hij: 'We noemen het... We noemen het een project. Een project dat wij samen moeten doen. Jij moet vaker bij mij zijn. En ik... ik moet jou laten zien dat je me kunt vertrouwen. En in het begin zal het moeilijk zijn want... want het is een moeilijk project. Maar daarna gaat het beter. Dat beloof ik?" (P.141)